Liefde in tijden van kanker

woensdag, maart 2nd, 2011 Ik Man

Bieke (28) en Bavo (31) zijn 8,5 jaar samen. Bieke is zwanger van hun eerste kindje. Bieke was 25, toen een gezwel in haar borst kwaadaardig bleek te zijn. De borst werd geamputeerd, chemotherapie en bestraling volgden.

ZIJ “Toen ik de diagnose kreeg, was mijn eerste gevoel ongeloof. Ik was 25, borstkanker was toch iets voor vrouwen van 40, 50? Wat mij gered heeft in die eerste weken, was praten. Met vrienden, met familie, met Bavo. Als de behandeling eenmaal begint, gaat de tijd snel. Jæe leeft van chemo naar chemo en voor je het weet, ligt de kuur achter je.

Maar het was heel zwaar. Ik heb het vaak gezegd: zonder Bavo had ik het niet gered. Hij was er altijd als ik hem nodig had. De dingen die ik hem niet kon vertellen, schreef ik in mijn dagboek, ’s nachts als ik niet kon slapen. Later liet ik het hem lezen. Dan wist hij hoe ik me voelde, zonder dat we erover moesten praten. Bavo hield zich sterk voor mij, maar ik wist dat hij afzag. Ik heb hem na de diagnose voor het eerst zien huilen, en later opnieuw aan mijn bed na de operatie.

Erger dan mijn ziekte vond ik dat ik door de medicijnen vijf jaar moest wachten om zwanger te worden. Ook voor Bavo vond ik dat zo erg. Van het ene moment op het andere waren we van een jong, onbezorgd koppel een ziek koppel geworden. Maar het ongelooflijke is gebeurd, ik ben zwanger. Ik ben ervan overtuigd dat Bavo’s onvoorwaardelijke liefde mij erdoor heeft getrokken. Na de operatie zei Bavo: ‘Als je hierdoor komt, vraag ik je ten huwelijk.’ Dat betekende veel voor me: het gaf me iets om naar uit te kijken. Maar ik wacht nog altijd op dat aanzoek, hoor (lacht). Ach, eigenlijk hoeft het niet meer, trouwen. Vroeger dacht ik dat trouwen dé bekroning van onze liefde zou zijn. Nu weet ik beter: dat Bavo er altijd is geweest, dat onze relatie dit heeft overleefd: dat is liefde!”

HIJ “Hopelijk kunnen we, nu Bieke zwanger is, die vreselijke periode eindelijk achter ons laten. Eigenlijk moesten we vijf jaar wachten, maar de dokter heeft ons na drie jaar groen licht gegeven. Ik denk niet graag terug aan Bieke’s ziekte. Toen ik hoorde dat ze kanker had, heb ik gehuild als een klein kind. Als zij ook huilend in een hoekje was gekropen, was ik gewoon mee in dat hoekje gekropen. Maar zij was zo sterk, ik kon niet anders dan me herpakken, voor haar.

De machteloosheid is erg. Ik zag Bieke afzien, zeker die eerste dagen na de chemo, dan was ze doodziek en ik kon niets doen om haar te helpen. Toen ze geopereerd werd, ben ik gaan werken. Mijn gedachten verzetten, dacht ik. Maar het was vreselijk. Elke seconde dacht ik aan haar. Ik heb heel veel bewondering voor Bieke. Ze was zo sterk, zo optimistisch. In heel die periode heb ik haar maar twee keer echt down gezien. Maar ook die dips kwam ze weer te boven. Het is een groot geluk geweest dat we goed omringd waren door vrienden en familie. Ik had heel veel aan mijn moeder, Biekes moeder, mijn broers en mijn zus. Met mijn vrienden praatte ik er niet veel over, maar zij waren er dan weer om mijn gedachten af en toe wat te verzetten.

Die periode is wel in m’n kleren blijven zitten. Ik ben mijn onbezorgdheid kwijt. Ik betrap mezelf vaak op de gedachte: hopelijk gaat het nu wel goed. In mijn achterhoofd zit de vrees dat het fout kan gaan. Maar dat heeft ook een positieve kant. Vroeger plande ik weken vooruit. Nu leven we van dag tot dag. Toen Bieke zo ziek was, heb ik soms getwijfeld aan onze relatie. Niet aan mijn gevoelens voor haar, maar aan hoe het ons zou veranderen. Nu weet ik: als je zoiets overleeft, blijf je samen voor het leven.”

Voeg een reactie toe